Henri Kleyn, KNIL-militair, en zijn Duitse echtgenote Catharina Breuer, waren een aantal jaren in Atjeh gelegerd. Zij kregen daar twee zonen, Harry in 1910 en Adé in 1914. Na zijn pensionering woonde het gezin korte tijd in Amersfoort, voordat zij in mei 1917 naar het Krugerplein 22 in Amsterdam verhuisden.
De rang ‘onder-luitenant’ van Henri kwam alleen in het KNIL voor als hoogste onderofficiersrang, tussen adjudant-onderofficier en tweede luitenant (de laagste officiersrang). In het krantenbericht wordt de naam ‘Kleijn’ nog gespeld op de manier die Henri later als ‘Kleyn’ heeft laten vastleggen.
In Amsterdam nemen zij ook de zorg op zich voor een pleegdochter, Mara Londo (1913) en neefje Harry Kleyn (1916), zoon van Louis Kleyn, de broer van Nico, Henri en Thierry.
Aan het Krugerplein bleek nog plaats te zijn voor de kinderen Nesvadba. Op 6 juli 1920 werden zij namelijk bijgeschreven op de gezinskaart van Henri Kleyn.
Over de periode tussen het overlijden van hun vader Florian Anton en de verhuizing naar het Krugerplein, is niets bekend. Wie ving de kinderen op, wie heeft geholpen bij de begrafenis, wie regelde de financiën? Al deze vragen blijven onbeantwoord in ons verhaal. De kinderen zullen ongeveer zes maanden vrijwel zelfstandig op de Marnixstraat hebben gewoond, maar hoe hun dagelijks leven er uit zag en met wie zij contact hebben gehad, ook daar weten wij niets van. Wel heeft een schoonzuster van Henri Kleyn, Anna Breuer, in die periode een helpende hand uitgestoken.
Hun steun en toeverlaat Willem Schadee komt pas eind april in Nederland aan. Hij woont in Heemstede, maar is dagelijks in Amsterdam. Deels voor zijn functie bij de DSM, nu ook deels voor de zorg voor de kinderen van Florian Anton. Schadee ontfermt zich vanaf dat moment als een ware vader over de vijf kinderen.
Misschien dat hij die rol op zich heeft genomen niet alleen vanwege de afspraak met zijn vriend Florian Anton, maar ook vanwege het kinderloos blijven van zijn eigen huwelijk met Louïse Bolomeij.
Op 31 januari 1921 verhuist Schadee van Heemstede naar Amsterdam, naar de woning aan de Prinsengracht 839. Op zijn gezinskaart staat ook vermeld dat hij op 23 december 1925 wordt uitgeschreven in verband met zijn vertrek naar het Franse Nice. Opmerkelijk dat deze verhuizing naar Nice in de familie later nooit ter sprake is geweest. Een verwijzing naar zijn vertrek naar het buitenland staat wel in het bericht in de Sumatra Post van 16 juli 1926.
Uit latere persberichten blijkt dat Schadee in mei 1928 als inwoner van Amersfoort wordt genoemd. Waarschijnlijk adres: Emmalaan 8. Lang heeft hij dus niet verbleven in Nice.
De kinderen zijn feestelijk gekleed, misschien ter gelegenheid van de 53ste verjaardag van Schadee, op 26 juli 1921?
Deze dichtregels schreef W. Schadee op de achterzijde van de foto:
De strofe komt uit het gedicht ‘Jonge roeping’ van P.A. de Genestet.
De regels luiden:
“Want de kindren Gods zijn blijde,
Blijde ook onder strijd of plicht;
’t Leven heeft zijn donkre zijde,
Maar hun ziele heeft het licht.”
De laatste twee regels hebben in 1983 een plaats gekregen op de grafsteen van Boebie Nesvadba op begraafplaats ‘Zorgvlied’ in Amsterdam. Mijn moeder kende de foto met de geschreven tekst en de betreffende regel zal haar zijn bijgebleven. Indirect misschien een blijk van dankbaarheid aan Oom Schadee?
De woning aan het Krugerplein zal te klein zijn geweest om iedereen voldoende ruimte te bieden. Op 17 oktober 1921 verhuisde het gezin Kleyn met de kinderen Nesvadba naar Koninginneweg 181. Hier waren meerdere kamers op de begane grond, op de eerste verdieping en nog meer ruimte in het souterrain.
Van het gezin dat op de Koninginneweg woont ontbreken op deze foto toeziend voogd Henri Kleyn en het neefje Harry Kleyn.
De verhuizing naar de Koninginneweg is voor mij mede reden voor het stellen van de vraag: hoe komen de kinderen aan de financiële middelen om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien? In ieder geval is de rol die Willem Schadee in het leven van de familie Nesvadba heeft gespeeld, van een zeer bijzondere betekenis geweest. Zijn belofte, ooit aan zijn vriend Florian Anton gedaan, om indien nodig de zorg voor diens kinderen op zich te nemen, heeft hij op een onvoorstelbare manier vorm gegeven. De verhuizing van het Krugerplein naar de Koninginneweg zal zeker door hem zijn geregeld. In de zorg die hij geeft aan de kinderen komt zowel de aandacht voor de opvoeding van de kinderen naar voren als de aandacht voor de financiële verantwoordelijkheid die hij blijkbaar zeer sterk voelt.
Een bewijs hiervoor is niet terug te vinden, maar uit het oprichten van de nv Nesvadba op 1 november 1926, waarbij Schadee voor 96% deelnam in het kapitaal van fl. 50.000,- valt alleen maar af te leiden dat hij zijn kapitaal of een deel er van aan de kinderen van Florian Anton ter beschikking stelde.
De dividendbewijzen betekenden jaren lang een welkome aanvulling van de inkomens van de kinderen Nesvadba. Op 6 januari 1930 werd de uitgebreide naam van de nv verkort tot “naamloze vennootschap Nesvadba”.
Op de balans van 31 december 1940 komen diverse bezittingen voor. In de loop der jaren heeft Schadee blijkbaar een aantal panden gekocht en onder gebracht in de nv Nesvadba.
Het bedrag op de balans à fl. 141.756,- in het jaar 1940, zou in 2017 een vergelijkbare waarde van €1.141.479,- vertegenwoordigen.